Peter de Jong had zondag 18 mei al een tijdje omcirkeld op zijn kalender: de laatste competitiewedstrijd als eerste elftalspeler bij voetbalclub Trinitas. Na zijn debuut als 16-jarige in het eerste van Taxandria, is het dan nu - na 17 jaar - tijd om als 33-jarige zijn voetbalschoenen aan de spreekwoordelijke wilgen te hangen, hoewel dat niet helemaal waar is. Meer dan de helft van zijn leven is hij er intensief en hartstochtelijk mee bezig geweest. Hij stopt niet omdat hij een blessure heeft of het niveau niet meer aankan, zo zegt hij zelf. Wat dan wel de reden voor dit besluit is, vertelt Peter de Jong kort vóór die omcirkelde datum.
Hoe is het begonnen? Peter: “Ik voetbal eigenlijk al van kinds af aan en in het begin vooral met mijn broertje Daan en met mijn vader, bij ons in de tuin of in het park. Pas nadat ik mijn zwemdiploma had behaald, mocht ik bij een echte club. Dat werd Taxandria. Ik zal toen 7 of 8 jaar zijn geweest. Trainen onder leiding van Jos van den Bosch op veld 4 haha. Al gauw speelde ik in de F 1 bij coach Leo Bernaards. We werden meteen kampioen, weet ik nog. De vrienden met wie ik toen speelde, zijn nog altijd mijn vrienden.”
RKC
Op 11-jarige leeftijd werd Peter gescout door R.K.C. Waalwijk: “Net als ieder jongetje wilde ik profvoetballer worden, dus ja, dit was een stap in de goede richting. Maar het was daar in Waalwijk heel anders: het ging er vaak hard aan toe, individualistisch, niet-sociaal zou ik haast zeggen. Mijn teamgenoten waren mijn concurrenten. Bij Taxandria behoorde ik tot de betere spelers, maar bij R.K.C. was dat heel anders. Vaak trainen, maar ook veel wissel staan. Ik was er niet echt gelukkig. Ik heb er natuurlijk ook mooie dingen meegemaakt zoals bijvoorbeeld tegen Ajax en PSV spelen en grote internationale toernooien. En het heeft me zeker mede gevormd. Maar goed, ik redde het niet (net zo min als alle andere spelertjes van mijn toenmalige team) en ik vertrok na een half jaartje terug naar Oisterwijk. Dat was een warm bad. De droom om ooit prof te worden was voorbij. Een nieuw doel werd toen (echt waar!) om het eerste van Taxandria te halen.”
Dat doel bereikte Peter al vroeg: “Ik was 16 en nog B-1 speler en toen mocht ik van trainer Marco de Jong (geen familie, red.) meedoen in een vriendschappelijke wedstrijd tegen Anderlecht. Nou ja, ik raakte vijf keer de bal of zo, sloeg nergens op. Maar gaaf was het wel. Datzelfde jaar maakte ik nog mijn officiële debuut in de competitie. Later heb ik gelijktijdig in de A1 en in Taxandria 1 gespeeld. Eén van de hoogtepunten uit mijn voetballeven heb ik toen meteen beleefd en dat was de beslissingswedstrijd met het eerste elftal tegen Nevelo op het veld van Jong Brabant. Ik speelde als 17-jarige de hele wedstrijd en wij wonnen met 3-0 dankzij twee goals van Paul Peters en één van Hein te Plate”.
Aanvoerder
Je werd vervolgens aanvoerder op je 24e? “Dat was een grote eer. We hadden een heel jong team. Je bent een soort verlengstuk van de trainer hoewel dat per coach verschilt hoor, je wordt gezien als leider, als uithangbord van de club. Wat ik vooral probeer, is een sociale en gezellige sfeer te behouden. Je coacht op het veld uiteraard fanatiek maar wel op een normale manier dus zonder macho-gedoe en zonder geschreeuw.”
In 2019 kwam het tot een fusie tussen Nevelo, Oisterwijk en Taxandria. “Met mijn hart was ik er op tegen maar rationeel gezien, kon het niet anders. Onder leiding van trainer Pierre van Berkel werd ik opnieuw aanvoerder. In 2022 werden we op de laatste dag kampioen en promoveerden naar de tweede klasse: opnieuw een hoogtepunt. Nu 6 jaar verder met Trinitas mogen we alleen maar trots zijn. We hebben een fantastische accommodatie, een grote vereniging met veel jeugd en met geweldige faciliteiten.”
Met uitzondering van het korte uitsapje naar R.K.C. Waalwijk heb je je hele leven in Oisterwijk gevoetbald. Is dat bewust? “Ja, ik ben nogal van de clubtrouw. Ik had diverse keren naar een andere vereniging kunnen overstappen maar ik heb dat nooit gedaan. Het gaat niet alleen om voetbal, hoe raar dat misschien uit mijn mond klinkt. Ik bedoel hiermee dat het ook om het sociale aspect gaat, je netwerk, je vrienden, je sociale contacten en de gezelligheid. Ik ken iedereen en veel mensen in het dorp kennen mij. Ik wist wat ik had bij Taxandria en bij Trinitas. Het was eigenlijk allemaal erg vanzelfsprekend, hoewel ik me tegelijkertijd realiseer dat het dat niet is. Ik heb zeker veel aan het voetbal te danken. Je leert discipline, sociale vaardigheden, het is karaktervormend. Je maakt van alles mee: degradaties, promoties, kampioenschappen, blessures noem maar op.”
Waarom stoppen?
“Ja, het is een lastig besluit eerlijk gezegd. Het is toch een deel van je leven. Maar het is een combinatie van factoren. Allereerst mijn leeftijd. Ik word dit jaar 34. Er doen soms spelers mee van 16 jaar terwijl ik 17 jaar in het eerste speel, snap je? Ik had qua niveau nog wel meegekund hoor. Ik ben nog fit. Tweede reden is mijn werk. Ik heb een bedrijfje op Landal Klein Oisterwijk met onder andere Escape Rooms en Escape-kisten en nog allerlei toffe activiteiten. Maar allemaal in de recreatiebranche en die groepen komen toch het liefste in het weekend. En bovendien heb ik een mooi alternatief want mijn vrienden - waarmee ik dus in de F 1 speelde - voetballen in het derde. Ik heb heel veel zin weer met hen te gaan spelen en weer eens samen een biertje te pakken. Kijk, ik heb zelf deze beslissing genomen. Ook voor mijn vriendin Sam maakte het niets uit. Als ik naar mijn broer Daan kijk, is dàt pas erg: hij heeft twee keer zijn kruisband gescheurd en kan nooit meer voetballen”.
100 goals
Ten slotte: je hebt ongeveer 450 wedstrijden bij de senioren gespeeld en ruim 100 goals gemaakt. Hoe bijzonder is dat? “Ja, heel bijzonder. Ik ben daar ook heel dankbaar voor. Ik heb in al die jaren letterlijk met honderden teamgenoten samen gevoetbald. Maar nogmaals, dat voetballen is en was niet het allerbelangrijkste. Ik blijf gewoon lekker bij Trinitas. We moeten mijn afscheid van het eerste daarom vooral maar niet groter maken dan dat het is."
