Alaaf, Turfstekers en Turfstekerinnekes! Hebben jullie je ook weleens afgevraagd hoe ons mooie Kaatsheuvel veranderde in Turfstekerslaand? Wat was er eigenlijk eerder: de prinsensteek of de prins? En wie gingen onze huidige Prins Rob voor in de rijke historie van Turfstekerslaand? Stichting Optocht Turfstekerslaand duikt samen met Heemkundekring de Ketsheuvel de archieven in. Niemand minder dan groot carnavalsliefhebber én bestuurslid van de Heemkundekring, Kees Grootswagers, neemt ons mee op een nostalgische reis door de tijd. In deze artikelen ontrafelen we de wortels van ons feest. Pak een pilske of ranja en een worstebrooike, trekt oe Turfstekerssjaal aan, ga er goed voor zitten en herbeleef de historie van carnaval in Turfstekerslaand in dit derde artikel!
In de vorige editie van De Duinkoerier kondigden we al aan dat er in 1957 in Kaatsheuvel een eerste prins werd geïnstalleerd in de persoon van Theris d’n Irste. Nadat de eerste carnavalsvereniging, 'de Tacksenwippers', in 1955 het levenslicht had gezien maar geen lang leven was beschoren, stond er in 1957 een nieuwe carnavalsvereniging op onder de naam 'De Deurzetters'. Op 15 februari van dat jaar doen ze in de regionale krant de Echo van het Zuiden een oproep om zondag 17 februari naar het leutbal in hotel Smit te komen dat georganiseerd wordt om ’s avonds elf minuten over elf om Prins Theris d’n Irste formeel door de 'Deurzetters'-vorst en zijn Raad van Elf te installeren.
Aankondiging door carnavalsvereniging de Deurzetters van de sleuteloverdracht door Theris I.
Installatie Theris d’n Irste
Op 18 februari volgt er een uitgebreid verslag in de krant, waarvan ik hier een klein stukje wil citeren: 'En toen de kleinste wijzer van de kleinste klok zondagavond in de Oud-Brabantzaal van Hotel Smit 11 seconden over 11 minuten over 11 aanwees, betrad in de tot de nok gevulde zaal Prins Theris I met zijn Raad van Elf tijdens het voorbereidend carnaval bal het podium. Een dreunende tromslag en de zaal lag in stilte op wat komen zou. De grootvorst heette voor de microfoon Zijne Koninklijke Hoogheid Theris I in Kaatsheuvel, namens de burgerij welkom, de hoop uitsprekende dat hij de carnavalsviering in Kaatsheuvel, gesteund door zijn Raad van Elf tot een glorievol carnavalsfestijn zou leiden, dat in de naaste toekomst het resultaat zal hebben, dat ook Kaatsheuvel zijn carnaval krijgt, zoals het deze plaats waard is.' Opmerkelijk is wel dat zowel Prins Carnaval, de Raad van Elf als de Nar, in gewone kleren waren gekomen, maar ze verzekerden de aanwezigen dat ze tijdens de aankomende carnavalsdagen gepaste carnavalskleren zouden dragen. Verder deed Theris I een oproep om lid te worden van de nieuwe carnavalsvereniging 'De Deurzetters' en hij verzekerde dat hij elke avond met carnaval om 11 minuten over 11 de meest verdienstelijke leden in de Orde van de Dweilers en de Neppers zou benoemen. Om daarvoor in aanmerking te komen moet 'U een grote dweil' zijn, volgens de Prins. Degene die dan geridderd wordt, ontvangt als onderscheiding een vergulden teksenwipper.
Proclamatie
Nadat Prins Theris d’n Irste onder luid applaus was geïnstalleerd, las hij zijn Proclamatie voor geldend voor het carnaval 1957. Deze luidde:
'Wij, Prins Theris I, bij de wil van het volk van Kaatsheuvel en met de steun van de Raad van Elf en de Nar, de Opperlolmaker is van ’t Hof, hebben besloten, dat de volgende reglementen dienen als leidraad voor het goede verloop van de carnavalsviering:
1. Het carnaval begint elke avond met de dansavond en eindigt als niemand meer in staat is om het nog verder door te zetten.
2. Iedereen, gehuwd of ongehuwd, verliefd of verloofd, vrij of bezet, is verplicht het carnaval naar best vermogen te vieren.
3. De glazen mogen allen via het keelgat geledigd worden; beschadigingen in welke vorm dan ook van degenen, die onder de tafel geraken, worden niet vergoed.
4. Het is absoluut verboden lege glazen voor zich te hebben. Lege glazen dienen zo vlug mogelijk gevuld te worden.
5. Als twee mensen verschil van mening hebben, heeft de dikste altijd gelijk. Dit op speciaal verzoek van Prins Theris I.
6. Wie een stuk in zijn kraag heeft moet dit bij de Nar inleveren. Hij kan het na afloop van carnaval desgewenst terugbekomen.
7. Drink met carnaval om het af te leren. Zie liever een mooie meid dan een mooie plaats aan de muur en tracht zoveel mogelijk lol te maken.
8. Degene, die niet opgeruimder is, wordt opgeruimd, desnoods met gebruik van de zwakke arm.
9. Houd carnaval hoog, zoals u drank omhoog zou houden, want zij zijn betere vrienden, dan iemand anders. Carnaval en de drank trachten u steeds op te vrolijken.
10. In gevallen, waarin dit reglement en de proclamatie niet voorzien, beslist niemand; alles wordt overgelaten aan het geval.
Daarna werd het carnavalslied aangeheven:
Het is weer carnaval,
Het feest der zotterij,
Het is weer carnaval,
Dus de zorgen weer opzij,
Het is weer carnaval,
Het zijn de dagen van de leut,
Thans kent de dolheid ook geen grens,
En met een borreltje wordt je mens,
Want het is weer carnaval.
Voor de inwendige mens moest ook worden gezorgd, zoals spekpannekoeken met stroop bij Piet van Dun in Kaatsheuvel.
De eerste sleuteloverdracht
En dan op zondag 3 maart 1957 was het eindelijk zover. Rond 13.00 uur werd Z.K.H. Prins Theris I met zijn Hofnar en de Raad van Elf, allen in vol ornaat, afgehaald bij Hotel-Café-Restaurant ’t Hoventje op de hoek Van Heeswijkstraat/Gasthuisstraat en in een feestelijke optocht, waaraan de drumband van Apollo medewerking verleent, gebracht naar Hotel Smit. Aldaar werd hij ontvangen door Wal Smit, de eigenaar van Hotel Smit, die hem in eigen persoon de sleutels van de Raadskelder overhandigde, waar Prins Theris I zijn rechten kon laten gelden. Dus de 'eerste sleuteloverdracht' in Kaatsheuvel was een feit.
