Verwacht je in de toekomst zorg te moeten leveren voor naaste familie, zoals je ouders? Heb je een goede relatie met hen en heb je voldoende ruimte in je tuin? Dan is een (pre)mantelzorgwoning misschien iets voor jou. Waar moet je op letten?

Muriël Serrurier Schepper heeft met haar gezin voor een (pre)mantelzorgwoning gekozen. Ze verhuisden een aantal jaar geleden. “Het huis stond er al twintig jaar, aan de tuin moest veel gebeuren. Het was rond de corona-uitbraak, en de man van mijn moeder heeft van de tuin zijn projectje gemaakt. Het gaf hem wat om handen, en mijn moeder ging graag mee. In die tijd waren er niet veel mogelijkheden, en kon je weinig mensen zien.”

Zo ontstond het idee om een woning voor haar moeder en haar man in de tuin te bouwen. “Daarvoor bestond in onze nieuwe woonplaats nog geen beleid. Iedere gemeente mag het nu zelf invullen, er is geen verplichting. Ik ben daarop naar een gemeenteraadslid gestapt en heb het voorgesteld. We hadden mazzel dat ze net bezig waren met het woonbeleid, en de raad stemde unaniem voor het voorstel voor de (pre)mantelzorgwoning.”

Vergunning

Een (pre)mantelzorgwoning plaatsen mag niet zomaar, weet Jasper van Heeren, jurist bij MantelzorgNL. “Er zijn diverse regels aan verbonden, die soms verschillen per gemeente. Vaak wordt een vergunning afgegeven voor de periode van tien jaar. De woning moet in de achtertuin worden gerealiseerd. Ook wordt vaak gekeken naar de leeftijd van de bewoner of bewoners.”

Het invullen van de formulieren die samenhangen met de vergunningsaanvraag is soms een hele klus, weet Jasper. Om afwijzing te voorkomen, doe je er goed aan deze formulieren zo zorgvuldig mogelijk in te vullen.” Voor advies kun je terecht bij MantelzorgNL. “Mensen kunnen informatie vinden op onze website, en ons bellen als ze vragen hebben.”

Koffiedrinken

Haar moeder en haar man zijn inmiddels 75 en 76 jaar oud. “Ze zijn nu nog fit. Eigenlijk helpen ze nu ons meer dan andersom. We hebben twee tienerdochters. Het gaat heel goed samen, soms zien we elkaar zelfs een week niet. Dan krijg ik een berichtje van mijn moeder: ‘Zullen we even koffiedrinken?’. We hebben nu nog echt ons eigen leven, maar in de toekomst verandert dat wellicht.”

De beslissing om haar moeder en haar man te huisvesten in de tuin hebben ze niet licht genomen. “Ik heb een goede band met mijn moeder, mijn partner ook. Maar deze beslissing betekent wel dat andere dingen niet kunnen, zoals bijvoorbeeld verhuizen naar het buitenland. Nu hoeven we nog geen zorg te verlenen, maar in de toekomst misschien wel. Daar moeten we rekening mee houden. We krijgen er echter veel voor terug. We zien mijn ouders ook op andere momenten, niet alleen op verjaardagen.” In de straat van Muriël zijn er meer mensen die een mantelzorgwoning in de tuin plaatsen. “Men zou het wellicht ook graag voor de kinderen willen.”

Weerstand

Niet elke gemeente staat welwillend tegenover een (pre)mantelzorgwoning, ondervond Mirella Klomp aan den lijve. Ze woont in de provincie Utrecht en stond recht tegenover haar gemeente. “We hebben een leegstaand gebouw achter onze woning, een voormalige dierenkliniek. Daar wilden we een (pre)mantelzorgwoning van maken voor mijn ouders.”

Sinds 2023 zijn ze met dit voornemen bezig. “Onze gemeente heeft geen beleid voor een (pre)mantelzorgwoning en wilde dit niet oppakken, onder meer vanwege een tekort aan personeel. Daarom werd onze vergunningsaanvraag afgewezen.” Mirella maakte bezwaar, maar ook dit werd afgewezen. Voor hen bleef geen andere optie over dan de zaak voor de rechter te brengen. “De zaak is intussen gekanteld. Toen we het traject begonnen, hadden mijn ouders nog geen mantelzorg nodig, nu wel. En een mantelzorgwoning is vergunningsvrij.”

Op tijd

Voor Mirella waren er verschillende redenen om een (pre)mantelzorgwoning te willen. “Ik wilde er op tijd bij zijn, nog voordat mijn ouders hulp nodig hebben, zodat de woning klaar zou zijn wanneer nodig. Bovendien heb ik weinig vertrouwen in de toekomst van de zorg. Er zijn nu al te weinig handen aan het bed, hoe moet dat in de toekomst? Door de verhuizing van mijn ouders komt bovendien een eengezinswoning vrij, wat de doorstroming op de woningmarkt ten goede komt. Ze wilden al eerder hun woning verlaten, maar dat is destijds niet gelukt.”

Niet opgeven

Ondanks de weerstand vanuit de gemeente vond Mirella het toch belangrijk om niet op te geven. “We horen als bevolking al jaren over participatie. Als je als gezin vervolgens de daad bij het woord wilt voegen, krijg je nul op het rekest. Ik vind dat de overheid, waaronder gemeenten, zeker bij dit soort grote maatschappelijke problemen als de huizenmarkt en zorg meer moet kijken naar wat er wél kan, in plaats van initiatieven tegenhouden.”

MantelzorgNL staat mensen bij die te maken hebben met dit soort gevallen. Meer info op Mantelzorg.nl