Ze zitten als huurder in éen van de houten gebouwen op het AZC ergens tussen de bossen, oostelijk van Oisterwijk. Omdat hun doelgroep (de vluchtelingen) daar tijdelijk woont, lijkt hun locatie volkomen logisch. Teamleider Toelating Arno van Tongeren van Vluchtelingenwerk vertelt dat dit in andere plaatsen echter lang niet altijd het geval is. Het is éen van de voorbeelden van die opmerkelijke en voortdurend veranderende regels in hun werk waar zij in de praktijk tegenaan lopen.
door René de Jong
Nadat ik op een grijze februari-dag een bezoekerspas heb gekregen bij de receptie van het AZC loop ik tussen de spelende kindertjes naar gebouw B, het onderkomen van Vluchtelingenwerk. Een piepklein bordje op de bovenverdieping wijst de weg. Binnen staat bij de trap een groot aantal opgestapelde stoelen. Boven aangekomen, verwelkomt Arno (een kwieke bebaarde zestiger) me. “Ja, het is hier erg klein. Laten we daar maar gaan zitten”. We nemen plaats aan een bureau in een eenvoudig ingerichte ruimte van 3 bij 4. Koffie en thee drinken we uit gratis bekers, omdat de opdruk van de letters blijkbaar niet helemaal was gelukt…
Grote club
Arno: “We zijn sinds 2022 gefuseerd tot éen landelijke stichting; Vluchtelingenwerk Nederland. Ik meen dat we in totaal 1400 betaalde krachten in dienst hebben en daarnaast zijn er zo’n 8000 vrijwilligers. We zijn een onafhankelijke mensenrechtenorganisatie die de belangen behartigt van asielzoekers. We ondersteunen ze vanaf het moment dat ze in Nederland komen totdat ze zelfstandig hun weg in de maatschappij hebben gevonden. We zijn in feite een soort ambassade. In Oisterwijk bestaat voor opvang, integratie en taal overigens een aparte werkgroep, die wordt ondersteund door de gemeente”.
Extra vrijwilligers
De mankracht op hun kantoor bestaat uit Arno (18 uur per week), een administratieve kracht (10 uur per week) en een viertal vrijwilligers. Arno: “Dat is te weinig. Wat wij doen is het begeleiden bij de asielprocedure. Wij maken een vluchtverhaal-analyse zoals dat heet ten behoeve van de advocaten. Het is het voorwerk dus en daar zouden we graag nog wat extra vrijwilligers voor willen hebben. Voor dat werk is in eerste instantie geen juridische kennis nodig; wij begeleiden ze en leiden ze op. We hebben wel te weinig werkplekken zoals je ziet maar daar komen we wel uit. We moeten het nog even doen met dit beperkte clublokaaltje. Hopelijk krijgen we in het nieuwe AZC-gebouw voor 500 personen, dat nu verderop wordt gebouwd, wel wat meer ruimte. Nou ja, we mogen hier in Oisterwijk niet eens klagen: als gevolg van nieuwe wetgeving mag Vluchtelingenwerk elders nog slechts op 70 AZC’s gehuisvest zijn. Ja, vreemd hè? En we mogen ook de gezinshereniging niet meer regelen. Ook dat is veranderd. Hopelijk gaat het nieuwe kabinet dit snel weer aanpassen. Bureaucratie hoort er nou eenmaal bij in dit werk. Ik ben hier sinds 1988 werkzaam, maar ik kan me nog steeds kwaad maken als iets me niet zint!”
Geen feest
Arno vertelt nog dat hier momenteel ongeveer 475 mensen op het AZC wonen, zowel statushouders, personen zonder verblijfsvergunning als uitgeprocedeerde asielzoekers. Het verblijf is zo te zien bepaald geen feest, niet alleen qua verouderde woonomstandigheden, maar ook qua uitzichtloosheid en het lange wachten. Een procedure duurt gemiddeld 2 jaar door de achterstand bij de IND, de immigratiedienst, terwijl de wettelijke beslistermijn 6 maanden is. Arno: “Zeker nu de instroom in Nederland daalt, zou je mogen verwachten dat de wachttijden ook afnemen. Het tegendeel is het geval…”
Rechtvaaridigheid
Hij vervolgt: “Wat de medewerkers van Vluchtelingenwerk kenmerkt is denk ik het streven naar rechtvaardigheid. Noem het idealisme. Je zet je in voor je medemens. Je moet je altijd realiseren dat het om vluchtelingen gaat, mensen die huis en haard hebben verlaten. Wat die opvang kost, is minder belangrijk vind ik. Het werk geeft me nog steeds veel voldoening. De meeste mensen zijn erg dankbaar. Je bouwt daar een band mee op na zoveel tijd”.
Tot slot
Arno ervaart de samenwerking met de gemeente Oisterwijk als coöperatief. “Het AZC mag hier nog 25 jaar blijven, zo is onlangs besloten. Problemen met of bij de plaatselijke bevolking zijn er volgens mij zelden, een enkele vervelende reactie op social media daargelaten. Dat is keurig dus. Voorlopig zijn wij er nog wel een tijdje."
Hij besluit: "Pas als er volledige wereldvrede is, kunnen wij als Vluchtelingenwerk onszelf opheffen.”
Dat kan nog wel even duren, zo valt te vrezen…
