Voor vrijwel alle verenigingen en stichtingen is het clublokaal waarin ze bijeen komen inwisselbaar en vervangbaar. Hun onderkomen is meestal ook van recentere datum dan de club zelf. Dit is totaal anders bij de stichting die we vandaag bezoeken. Bij hen is hun gebouw - een kasteel zelfs - juist het doel op zich, namelijk de instandhouding ervan. Daarnaast stamt hun clublokaal, om het toch maar zo te noemen, al uit 1303 en is de stichting eeuwen later pas opgericht. Een gesprek met bestuurslid en dochter van de laatste bewoners, Florence van Oirschot, over dit zeer bijzondere en volstrekt unieke bouwwerk in onze gemeente.
door René de Jong
Meteen als je je op de honderden meters lange oprijlaan richting ‘Kasteel Nemerlaer’ begeeft, maak je een reis naar het verleden. De tijd heeft er stil gestaan. Er hangt ontegenzeggelijk een apart sfeertje.
In de geschiedenisboeken is er voor het eerst sprake van ‘Nemerlaer’ (vernoemd naar het riviertje de ‘Nemer’ en naar een open plek in een bos, een ‘laer’) in 1303, ruim 700 jaar geleden dus. Er woonde een heuse ridder genaamd Geerlinck van den Bossche. Sindsdien wisselde het kasteel talloze malen van eigenaar en van bestemming (het was o.a. gevangenis en toevluchtsoord in de Eerste Wereldoorlog) om ten slotte in de vorige eeuw in vervallen staat achter te blijven. In 1964 wordt het kasteel samen met het landgoed gekocht door Brabants Landschap (de buren) en drie jaar later wordt de stichting opgericht.
De stichting
Florence (58): “Mijn leven loopt parallel aan het bestaan van de stichting. Ik woonde hier met mijn ouders en mijn broer”. We zitten in éen van de vele kamers, de bibliotheek. Duizenden en duizenden boeken zijn op het oog tamelijk slordig neergezet en opgestapeld. Het plafond is hoog, de vloer kraakt bij elke voetstap. Florence vervolgt: “Het was destijds heel normaal voor ons om in een kasteel te wonen. Als ik vroeger bij een vriendinnetje mocht logeren in een gewoon huis, vond ik dàt juist erg spannend! Nu woon ik hier niet meer. Mijn moeder - die onder het pseudoniem Carole Vos kinderboeken schreef - is ruim twee maanden geleden overleden. Zij woonde hier nog wel. Maar ik zou het echt niet meer willen. Het is emotioneel te beladen voor me. Vannacht heb ik wel weer eens een nachtje op het kasteel doorgebracht. Het spookte weer flink. Ja, echt waar! Dat hoort er gewoon bij. Wat je dan hoort? Nou, ik werd wakker en hoorde voetstappen en gefluister…”
Benefiet Ramses Shaffy voor het kasteel
Nog even over de stichting. Deze werd opgericht met als doel de wederopbouw en het behoud van ‘Nemerlaer’ door middel van kunst, cultuur en educatie. De ouders van Florence, Anton en Truusje, hebben heel veel bijgedragen aan de restauratie. Zij organiseerden exposities, bruiloften en concerten. Zo traden Gerard van Maasakkers, Frank Boeijen en Bram en Freek hier ooit op. Florence: “ Mijn vader en moeder waren beiden schrijver. Ze verkeerden in culturele kringen en waren allebei behoorlijk excentriek. Mijn moeder was een soort hippie haha. Toen het kasteel in 1969 werd geteisterd door een grote brand heeft Ramses Shaffy een benefietconcert gegeven. Dat soort dingen kon zij regelen.”
Rondleiding
Een dag eerder kreeg ik een privérondleiding van Antoon Diepstraten, een vrijwilliger die al sinds zijn jeugd op ‘Nemerlaer’ rondloopt. Slechts een deel van de vele vertrekken - o.a. de Eetkamer, de Regentenkamer, de Sint-Nicolaaskamer, de Vogelkamer - is toegankelijk voor publiek. “Er liggen duizenden objecten zoals je ziet. Ik probeer er orde in aan te brengen en ruim veel op. Weet je trouwens het verschil tussen een kasteel en een paleis? Een kasteel biedt bescherming en verdediging - dat zie je hier aan de slotgracht en het kanon - en er heeft adel gewoond, terwijl een paleis in het algemeen meer luxe heeft. Je ziet dat er hier heel veel onderhoud nodig is. In de winter is het erg koud omdat dubbel glas ontbreekt.”
‘Nemelaeritis’
Terug naar Florence. Ze is de enige erfgenaam en eigenaar van de omvangrijke inboedel. “Soms overvalt het me wel eens. Er ligt hier zó veel. Gelukkig sta ik er niet alleen voor. De stichting en ‘Brabants Landschap’ en vele vrijwilligers helpen me. We moeten een restauratieplan maken met financiële onderbouwing. ‘Nemerlaer’ moet rendabel worden. Wat we precies in de toekomst gaan doen, weten we nog niet. Daar zijn we nu druk mee bezig. Wat ons bindt is de zgn. ‘Nemerlaeritis’, een speciaal gevoel dat je krijgt als je in en bij het kasteel rondloopt. Het is niet zo goed te beschrijven. Je voelt het verleden, het mysterie. Veel van onze bezoekers ervaren het. Het is het gevoel dat jij net beschreef dat je kreeg op de oprijlaan. Maar goed, er moet nog veel gebeuren en ik doe het graag. Ik voel me schatplichtig aan mijn ouders”.
Het is te hopen dat ook het spook zich te zijner tijd kan vinden in de toekomstplannen…
Clublokalen
Vermoedelijk zijn er vrijwel nergens in Europa zó veel verenigingen als in Nederland. Hoe dat komt en hoeveel het er precies zijn, is niet exact bekend. Wél is duidelijk dat die talloze clubs voor verbinding zorgen.
De Nieuwsklok bezoekt elke twee weken in en om Oisterwijk de wat onbekendere “club-lokalen”, of ze nu wel of niet beschikken over hun eigen clublokaal.
Reacties of aanmeldingen: renedejongprive@gmail.com
Kasteel Nemerlaer als clublokaal
Naam: Stichting Kasteel Nemerlaer
Opgericht: 1967
Site: www.kasteelnemerlaer.nl
Aantal leden: geen (n.v.t.)
Clublokaal: Kasteel Nemerlaer.
